Het belang van de locatie

Het bepalen van de locatie voor een magazijn is een van de meest belangrijke aspecten waarmee men rekening moet houden voordat het magazijn wordt geïnstalleerd. De bepaling van de locatie is een factor die niet alleen invloed heeft op de bouwaspecten, maar vooral ook op strategisch vlak en kan beslissend zijn voor het succes of het falen van de onderneming.

Het onderzoek naar de locatie voor een magazijn zal langer duren en complexer zijn naarmate de omvang van het bedrijf, en daarmee het distributiesysteem, groter is. In ieder geval moet dit onderzoek worden uitgevoerd door het analyseren van vier basisfactoren: het product, de vraag, de kosten en de concurrentie.

Bij elk van deze elementen moeten twee beoordelingscriteria in acht worden genomen om de analyse zo realistisch mogelijk uit te kunnen voeren: de economische en de commerciële. Zodoende moeten de volgende variabelen worden geanalyseerd:

  • Met betrekking tot het product, moet men in de eerste plaats de typologie en de totale hoeveelheid die moet worden opgeslagen evalueren.
  • Vervolgens moeten de kosten die betrekking hebben op de infrastructuur (bouwgrond, gebouwen en materieel), de directe en indirecte arbeidskosten, de transportkosten, de kosten voor goederenafhandeling en de overheadkosten geanalyseerd worden, evenals de kosten van diensten en verzekeringen die moeten worden afgesloten.
  • Ten derde moet men wat betreft de vraag een raming maken van het aantal consumenten en hun locatie, het aantal en de omvang van de bestellingen, de ontwikkeling van de vraagcurve, en moet men het relatieve belang van nabijheid en de snelheid van levering in kaart brengen.
  • Ten slotte voert men een concurrentieanalyse uit. Men onderzoekt de locaties van concurrerende magazijnen met betrekking tot efficiëntie en geleverde service.

Tijdens het onderzoek naar de beste locatie voor de installatie moeten deze en andere variabelen, die hieronder worden behandeld, worden geanalyseerd: de productkenmerken, de productiecapaciteit en de bijzonderheden van het noodzakelijke distributienetwerk.

 

Schema voor de indeling van een magazijn

 

 

Locatie naargelang de kenmerken van het product

Bij de analyse van de productkenmerken die van invloed kunnen zijn op de locatie, wordt rekening gehouden met drie aspecten: de houdbaarheid, de intrinsieke stabiliteit en de hanteerbaarheid.

 

Houdbaarheid

Deze eigenschap bepaalt hoe dicht de distributiecentra bij de verkooppunten moeten liggen.

Producten met een beperkte houdbaarheid (zoals verse groenten en fruit), vereisen voorzieningen dicht bij de uiteindelijke verkooppunten aangezien de tijdsduur tussen de productie of het oogsten en het consumeren zo kort mogelijk moet zijn. Daarom kan er bij deze artikelen geen gebruik worden gemaakt van doorvoermagazijnen, omdat de tijdsduur van het verblijf, hoe klein ook, fataal kan zijn voor de houdbaarheid van het product.

 

Detail van een pallet

Detail van een pallet

 

Voor producten met een langdurige houdbaarheid, zoals voor bijna alle industriële producten, is het niet nodig dat de magazijnen dicht bij de verkooppunten liggen, aangezien de tijd weinig tot geen invloed heeft op de kwaliteit en het behoud van het product. Dit soort artikelen kan in allerlei verschillende soorten entrepots worden opgeslagen (centrale, regionale of doorvoermagazijnen).

 

Intrinsieke stabiliteit

Hieronder wordt de stabiliteit van het product zelf verstaan. Dit kan invloed hebben op het vervoer en de veiligheid. Als het product intrinsiek erg onstabiel is, zijn speciale opslagfaciliteiten nodig, aangezien deze eigenschap de veiligheid van het magazijn in gevaar kan brengen en zelfs een gevaar kan vormen voor de gezondheid van de omwonende bevolking. Een typisch voorbeeld hiervan zijn chemische producten, waarvoor aangeraden wordt slechts twee magazijnen te beheren: één voor de productie en één voor de verkoop, zonder tussenliggende centra.

In het genoemde voorbeeld dient de omvang van de installaties verschillend te zijn. Voor de productie moet een groot magazijn worden geïnstalleerd, terwijl voor de verkoop een op maat gemaakt magazijn kan worden ingericht dat beantwoordt aan de benodigde opslagcapaciteit op een bepaald moment.

Wanneer het producten met een grote intrinsieke stabiliteit betreft, is deze factor niet bepalend en kunnen alle in dit artikel genoemde mogelijkheden worden gebruikt.

 

Hanteerbaarheid

Het gemak en de verschillende mogelijkheden waarmee een product afgehandeld kan worden zijn bepalend voor het aantal handelingen dat met het artikel uitgevoerd kan worden .

Producten die moeilijk te hanteren zijn (zoals vloeistoffen en bulkgoederen) moeten in zo weinig mogelijk verschillende magazijnen worden opgeslagen, aangezien de kosten om ze te verplaatsten zeer hoog zijn. In de meeste gevallen leidt dit namelijk tot een kwaliteits- en volumeverlies. Het beste is om slechts twee magazijnen te gebruiken: het centrale magazijn met de productieomgeving en een tweede magazijn waar de producten verpakt worden.

Wanneer deze artikelen eenmaal zijn verpakt, gaan ze over naar de categorie van goed hanteerbare artikelen, en kunnen dan overal in het magazijn opgeslagen worden.

 

De productiecapaciteit

De hoeveelheid goederen die moet worden opgeslagen hangt af van de productiecapaciteit. Dit is een relatieve factor, die eveneens bepaald wordt door de vraag naar het betreffende product.

De invloed van de productiecapaciteit op de locaties van de verschillende soorten magazijnen kan bepaald worden via het aantal bewerkingen dat het product ondergaat. 

 

De productiecapaciteit bepaalt de indeling van het magazijn

 

Het aantal bewerkingen dat een product ondergaat

Niet alle industrieën bewerken hun producten in gelijke mate. Dit is afhankelijk van hun specialisatie, uitrusting en vooral van hun capaciteit. Voor het bestuderen van het benodigde aantal magazijnen kan deze factor, aangaande het aantal bewerkingen dat een product ondergaat, verdeeld worden in drie niveaus: laag, gemiddeld en hoog.

  1. Een laag aantal bewerkingen treft men aan bij industrieën die, of vanwege de aard van het product of vanwege hun eigen productiecapaciteit, zich beperken tot het indelen en verpakken van grondstoffen. Dit is bijvoorbeeld het geval in de agrobusiness van de primaire sector. Hier is alleen een centraal productiemagazijn nodig, dat uit hooguit twee afdelingen bestaat: één voor de grondstoffen en een andere voor de verpakte producten. In ieder geval is de locatie niet afhankelijk van de hoeveelheid goederen die moet worden opgeslagen.
  2. Bij een gemiddeld aantal bewerkingen, ontvangt het bedrijf een grondstof, deelt de grondstof in en verwerkt deze vervolgens tot verschillende producten. Bij dit soort industrieën is de hoeveelheid goederen die opgeslagen moet worden, wel van invloed op het aantal magazijnen en de locatie ervan. Aangezien het hier om massaproductie gaat, zowel van een enkel product of verschillende producten in parallelle productielijnen, hebben dit soort bedrijven over het algemeen drie onafhankelijke magazijnen nodig: een voor de grondstoffen, een voor de producten die worden gebruikt bij de bewerking en een derde voor de eindproducten. Als de hoeveelheid opgeslagen artikelen klein is, kunnen deze drie magazijnen waarschijnlijk op dezelfde plek als het productiecentrum worden ondergebracht, maar wanneer de productie erg groot is, is het nodig om regionale of lokale magazijnen te installeren en zelfs doorvoer- en tussenmagazijnen voor de halffabricaten of eindproducten.
  3. Als laatste worden industrieën met een hoog aantal bewerkingen sterk beïnvloed door het aantal producten dat verkregen wordt en daarom is dit bijna gelijk aan dat van het gemiddelde niveau, met dit verschil dat het vrijwel zeker noodzakelijk zal zijn gebruik te maken van doorvoer- of tussenmagazijnen om de verschillende productiefases te reguleren.

 

Het noodzakelijke distributienetwerk

Het distributienetwerk dat nodig is voor de commercialisering van een product heeft invloed op het aantal en het soort magazijnen dat nodig is, en op de bepaling van de locatie.

Om de eigenschappen daarvan te begrijpen moeten twee verschillende factoren worden geanalyseerd:

  • De invloed van de samenstelling van het distributienetwerk: Dit kan bestaan uit zelfstandige concessiehouders (als zelfstandige ondernemingen) of uit eigen agentschappen. In het eerste geval wordt het aantal producten dat moet worden opgeslagen uitsluitend bepaald door de vraag en het aantal bestellingen dat men via dit netwerk ontvangt. Opslag is geen eerste behoefte, omdat het netwerk hier zelf voor zorgt. Wanneer het om eigen agentschappen gaat dan moeten er, buiten de centrale, regionale en doorvoermagazijnen, opslagcentra worden ingericht bij alle distributiepunten. Deze distributiepunten moeten zich daar bevinden waar de vraag het hoogst is.
  • De invloed van het distributienetwerk op de verkoop: De geografische spreiding van het distributienetwerk heeft invloed op het aantal en het soort magazijnen waarover men moet beschikken, en op de locatie ervan. Net zoals bij de vorige factor zijn er twee mogelijkheden: dit netwerk wordt gevormd door zelfstandige concessiehouders of door eigen agenten.

 

De geografische spreiding van het verkoopnetwerk heeft een bepalende invloed op het ontwerp van een magazijn of de magazijnen

De geografische spreiding van het verkoopnetwerk heeft een bepalende invloed op het ontwerp van een magazijn of de magazijnen

 

In het eerste geval, waarbij men te maken heeft met een verkoopnetwerk van derden, kunnen de locatie en de verkoopmethoden al dan niet worden afgestemd op de reële vraag naar het product.

Wanneer de agentschappen correct zijn gesitueerd, moet elk van hen worden beschouwd als ware het een magazijn. Op strategische punten wordt een distributiecentrum geplaatst en, als de vraag in een concreet gebied dit vereist, dan wordt het bijbehorende doorvoermagazijn geïnstalleerd. Het doel van deze strategie is om de tijd die nodig is voor de bevoorrading van de agentschappen, die als verkooppunten moeten worden beschouwd, tot een minimum te beperken.

Wanneer de locaties van de concessiehouders niet de meest gunstige zijn voor de commercialisering van het desbetreffende product, dan moet men dit als eerste corrigeren. Wanneer dit verholpen is, dan kan men te werk gaan zoals beschreven in de voorgaande paragraaf. Een geografisch niet goed gepositioneerd verkoopnetwerk zal leiden tot een toename van de doorvoermagazijnen en tot een vertraging in de bevoorrading van de verkooppunten. Dit veroorzaakt een verhoging van de distributiekosten en het verlies van de concurrentiepositie op de markt.

Wanneer het verkoopnetwerk uit eigen agentschappen bestaat, is het ook noodzakelijk om er op te letten dat ze geografische goed verdeeld zijn zodat, voor zover mogelijk, niet meer doorvoermagazijnen geïnstalleerd worden als strikt noodzakelijk. Men moet er tevens voor zorgen dat de bevoorrading van de verkooppunten perfect aansluit op de vraag.

Wanneer men beschikt over een goed vervoers- en distributienetwerk, dan kan er gewerkt worden vanuit één centraal magazijn, zonder gebruik te maken van regionale, vervoers- of tussenmagazijnen.

Ook kan men het vervoer en de distributie uitbesteden aan een logistiek dienstverlener, die eventueel ook de opslag van de goederen en het klaarzetten van de bestellingen kan verzorgen.

Other topics in this category